|
|
|
Diagonalen op snoek. Wie diagonalen zegt denkt direct aan snoekbaarsvissen. Niets is minder waar, integendeel zelfs. Diagonalen is een zeer goede en doeltreffende manier om de snoek te zoeken. Sterker nog, het is juist een hele productieve manier in bepaalde gevallen.
Bovenstaande bewees onze laatste najaarstrip naar Noorwegen maar weer eens. November, de maand van: ijs, hagel, sneeuw en nachtvorst. Niet echt weer waarin je de hele dag staat te werpen met een reel en jerkbaits of soft plastic. Hoe kom je de vis dan wel aan de schubben? Trollen met pluggen? Hier moet je al een bepaalde snelheid voor varen om de plug actie te geven. Dit is ook niet echt de manier, de snelheid is net te hoog om de snoek uit de tent te lokken. De vissen op de dieptemeter liggen nu allemaal tussen de 10 -12 meter. Voor deze diepte heb je al een flinke plug nodig.
Verticalen zoals in Nederland is niet de beste manier om vis te lokaliseren, wel om daarna het werk af te maken. We moesten dus een stukje kunstaas kort of tegen de bodem zien te vissen en dit over een lange afstand...diagonalen dus! Door het grootte bestand aan kreeften wordt er naar een imitatie van kreeft gezocht en onze keuze valt op de kikkers van Sizmic. Over het gewicht van jigkoppen kan ik simpel zijn, tussen de 15-50 gram afhankelijk van de stroming, windsnelheid en diepte maar later meer daarover.
De hengel die we gebruiken bij het vissen zijn meestal BROMANoDELL spinhengels met een werpgewicht van 25-60 gram en een lengte van 240-270 meter. Langer kan ook wel maar dat is ieder zijn persoonlijke keuze. De lijnen zijn natuurlijk rekloos (Strike Wire), dit om elke beweging van de Senior Toad te kunnen voelen en direct te kunnen reageren op een eventuele aanbeet. De sterkte varieert van 0,10-0,15 honderdste om toch zo kort mogelijk bij de boot te kunnen vissen. Met een molen is sneller de losse lijn op te spoelen tijdens de afzinkfase, daarom vissen we niet met een reel.
En natuurlijk niet vergeten een titanium onderlijn. Een stalen kan ook maar ik ben niet zo een voorstander van stalen onderlijnen. Ondanks het grote verschil in afstand is het vissen niet zo verschillend met Nederland, ik zal het jullie proberen uit te leggen. Het enige verschil is dat men hier wat meer andere roofvissen zal bijvangen en de aantallen snoek niet in zo’n grote getallen bij elkaar zullen liggen zoals in de Scandinavische landen. Als we op de dieptemeter de vissen tussen een bepaalde diepte gevonden hebben weten we welke diepte we het beste kunnen aanhouden.
Staat er veel stroming of wind beginnen we met zware jigkoppen 30-50 gram, we moeten immers altijd kort tegen de bodem vissen. We volgen de bepaalde diepte tot we een aanbeet krijgen en markeren dit op de GPS (of met een boeitje). Nu gaan we in tegen over gestelde richting terug over de tracklijn en bij een aanbeet wordt er weer een markering gezet. Deze procedure herhalen we maar nu wat dieper en ondieper op het talud, totdat we 3-4 punten hebben weer we zeker vis kunnen vinden. Nu is het een kwestie om de boot langs en rond de markeringspunten te sturen en met lichte kopjes de hotspot uit te vissen.
De jigkop moet zo zwaar zijn dat we altijd de bodem voelen en toch zo licht mogelijk vissen. Daarom beginnen we met 25 grams koppen en schakelen we worp na worp over tot de gewenste jigkop is gevonden. De hengel wordt nu op 9:00 uur gehouden en met een felle ruk omhoog getrokken tot 11:00 uur om daarna gecontroleerd en traag te laten afzinken. De afzinkfase moeten we zo lang mogelijk houden dat de shad zo lang mogelijk kan opgemerkt worden door de roofvis. Schrik er ook niet van terug om de hengel ook tot 13:00 uur te trekken, een beetje zoals wrak vissen op kabeljauw.
Omdat niet altijd de snoek op de grond zit maar ook een meter of twee meter van de grond kan liggen. Zorg altijd tijdens het afzinken dat de lijn strak staat, nu krijg je de meeste aanbeten! Dat deze visserij meestal in het najaar wordt beoefend dat hadden jullie misschien al opgemerkt. Maar ook in het voorjaar als het seizoen nog maar net open is en de vis nog steeds ondiep ligt heeft deze methode al goed vis opgeleverd. Wij nemen dan soft-plastic van 25 cm en meer, voorzien van jigkop van 5-15 gram zeker niet meer. Hierdoor krijgt de Toad een mooie waggel bij het afzinken. Zorg altijd dat je de langste haakstelen gebruikt die je kunt krijgen, houd je haken ook altijd vlijmscherp! Shads of soft-plastic tot 15 cm worden gemonteerd met enkel de jigkop en vanaf 20 cm voorzien we ze altijd met een dregje.
Nog één tip, vis deze methode niet alleen overdag maar ook tot diep in de avond…of 's nachts. Je zult versteld staan …..succes! Koen LemmensVoor meer verhalen. Ga naar: Overzicht |
|
|
|